Alle artikelen
    Belastingen· 3 september 2026 7 min lezen

    Investeringsaftrek voor je startup: KIA, MIA en VAMIL

    Investeringsaftrek voor je startup: KIA, MIA en VAMIL

    Drie regelingen verlagen je winst als je in bedrijfsmiddelen investeert, en elk heeft een grens of een termijn die bepaalt of je er iets van ziet. Hier staan de staffels van 2026, wat is uitgesloten, wat er terugkomt als je binnen vijf jaar verkoopt, en de meldtermijn van drie maanden waar de meesten op stuklopen.

    Drie regelingen, drie doelen

    Investeer je in bedrijfsmiddelen, dan zijn er drie regelingen die je winst verlagen, en ze staan los van elkaar. De kleinschaligheidsinvesteringsaftrek, de KIA, geldt voor investeringen in het algemeen. De milieu-investeringsaftrek, de MIA, en de willekeurige afschrijving milieu-investeringen, de VAMIL, gelden alleen voor bedrijfsmiddelen die op de Milieulijst staan.

    De WBSO valt hier buiten: die gaat over uren voor ontwikkelwerk en niet over aanschaf. Ontwikkel je zelf een product, dan is dat een aparte route.

    De KIA: hoe het bedrag werkt

    De KIA hangt aan je totale investering in een boekjaar, niet aan één aankoop. Voor 2026 ziet de staffel er zo uit:

    • Niet meer dan 2.900 euro: geen aftrek.
    • 2.901 tot en met 71.683 euro: 28 procent van het investeringsbedrag.
    • 71.684 tot en met 132.746 euro: een vast bedrag van 20.072 euro.
    • 132.747 tot en met 398.236 euro: 20.072 euro, verminderd met 7,56 procent van het deel boven 132.746 euro.
    • Meer dan 398.236 euro: geen aftrek.

    Twee voorwaarden die vaak worden gemist: bedrijfsmiddelen met een aanschafprijs onder 450 euro tellen niet mee, en het middel moet in je onderneming in gebruik zijn genomen. Een laptop van 900 euro telt dus mee, een muis van 40 euro niet.

    Wat is uitgesloten

    • Personenauto's, met uitzondering van auto's die bestemd zijn voor beroepsvervoer, zoals taxi's en koeriersdiensten.
    • Woonhuizen en grond.
    • Goederen die je verhuurt.
    • Bedrijfsmiddelen die je in het buitenland gebruikt.

    Verkoop je het binnen vijf jaar, dan komt er iets terug

    De desinvesteringsbijtelling is het spiegelbeeld van de aftrek. Verkoop of schenk je een bedrijfsmiddel binnen vijf jaar na het begin van het kalenderjaar waarin je investeerde, en is de waarde van wat je afstoot samen hoger dan 2.900 euro, dan tel je een deel van de eerder genoten aftrek weer bij je winst op. Je gebruikt daarvoor hetzelfde percentage als bij de aftrek, en de bijtelling wordt nooit hoger dan wat je hebt gekregen.

    Er is nog een variant die minder bekend is: neem je het bedrijfsmiddel niet binnen drie jaar na het begin van het kalenderjaar van de investering in gebruik, dan wordt dat ook als een desinvestering behandeld.

    MIA en VAMIL: alleen wat op de Milieulijst staat

    Bij MIA en VAMIL bepaalt niet jouw beoordeling maar de Milieulijst of een bedrijfsmiddel kwalificeert. Elk middel op die lijst heeft een code, en die code bepaalt het percentage. Met de MIA trek je tot 45 procent van de investeringskosten extra van je winst af. Met de VAMIL mag je tot 75 procent van de investering afschrijven op een moment dat je zelf kiest. RVO houdt het voordeel van de twee samen op ruim 14 procent van het investeringsbedrag.

    Twee harde eisen: de investeringskosten van het gemelde bedrijfsmiddel zijn minimaal 2.500 euro, en je meldt de investering binnen drie maanden na de opdrachtdatum bij RVO. Die drie maanden zijn de reden dat het meestal misgaat, want ze lopen vanaf het moment dat je de opdracht geeft en niet vanaf de factuur of de levering.

    Wat dit voor een startup betekent

    In de eerste jaren investeert een softwarestartup vaak weinig in bedrijfsmiddelen: een paar laptops en wat randapparatuur, en dan blijf je onder de ondergrens van de KIA. Waar het wel gaat spelen is het jaar waarin je een kantoor inricht, hardware koopt of een laboratorium of productielijn opzet. Dat is ook het jaar waarin de MIA en de VAMIL in beeld kunnen komen, bijvoorbeeld bij verduurzaming van een pand of bij bepaalde apparatuur.

    Het punt is niet dat je moet gaan investeren om aftrek te krijgen. Het punt is dat je een investering die je toch al doet niet ongemeld voorbij laat gaan, want de meldtermijn van drie maanden repareer je niet achteraf.

    Wat wij hierin doen

    Wij boeken je investeringen als bedrijfsmiddel in plaats van als kosten waar dat hoort, houden je investeringsregister bij, en passen de KIA toe in je vpb-aangifte. Geef je een opdracht door voor iets wat mogelijk op de Milieulijst staat, dan controleren we de codes op die lijst en bewaken we de meldtermijn bij RVO.

    Wat wij niet doen is je adviseren waarin je moet investeren of hoe je een investering fiscaal het beste structureert. Dat is advies, en dat hoort bij een specialist. Wij zorgen dat de cijfers eronder kloppen en dat de aftrek waar je recht op hebt ook in je aangifte terechtkomt.

    Kort samengevat

    • De KIA hangt aan je totale investering per boekjaar, met in 2026 een ondergrens van 2.900 euro en een bovengrens van 398.236 euro.
    • Bedrijfsmiddelen onder 450 euro tellen niet mee, en het middel moet in gebruik zijn genomen.
    • Personenauto's, woonhuizen, grond en verhuurde goederen zijn uitgesloten.
    • Afstoten binnen vijf jaar leidt tot een desinvesteringsbijtelling, nooit hoger dan de aftrek die je kreeg.
    • MIA en VAMIL gelden alleen voor de Milieulijst, met een ondergrens van 2.500 euro en een meldtermijn van drie maanden na de opdrachtdatum.

    Onderdeel van onze gids: Boekhouding voor startups: de complete gids

    Benieuwd hoe realtime boekhouding er voor jouw startup uitziet?

    Bekijk hoe het werkt